Overweging

De psalm eindigt merkwaardig. Of God hem even met rust kan laten. Even zijn blik van hem wil afwenden zodat hij weer op adem kan komen. Hij heeft zijn portie wel gehad. Ik wilde dat nu niet meteen theologisch dichtplakken. Ik denk even aan de mooie plaatsen die wij in de kerkzaal hebben waar het plafond wat laag is en het licht halfduister. Ik laat mij vertellen dat dat bij uitstek de plaatsen zijn die incidentele kerkgangers opzoeken. Ik denk aan gemeenteleden die even niet meedoen. Een adempauze nodig hebben om misschien later weer de lof te kunnen zingen. Als wij ergens de tijd hebben, zou het toch wel hier moeten zijn. Om ongezien gezien te zijn. Totdat wij U ergens weer vermoeden.

Evert Jan de Wijer